Feiten en trends Mantelzorg in Nederland
Uit Bouwen aan leefbaarheid
Inhoud |
Aantallen
Het Sociaal Cultureel Planbureau heeft berekend dat in 2001 naar schatting 2,4 miljoen mantelzorgers in Nederland meer dan acht uur per week en/of meer dan drie maanden zorg gaven. Onder hen meer vrouwen (58%) dan mannen (in de grootste groep mantelzorgers tussen 35 – 65 jaar twee keer zoveel vrouwen als mannen). Mantelzorgers voorzien in 75% van de hulpvragen thuis. Wat opvalt is dat met name Turken, Marokkanen, Antillianen en Molukkers weinig gebruik maken van thuiszorg, maar de zorg vooral zoeken in eigen kring. Het aantal mantelzorgers van niet-Nederlandse afkomst neemt dan ook toe, waarbij vooral een beroep wordt gedaan op (schoon) dochters en (leerplichtige) jonge dochters. Gemiddeld geven mantelzorgers negentien uur zorg per week.
Toekomstverwachting
De verwachting is dat de vraag naar mantelzorgers in de toekomst nog toeneemt door sterke vergrijzing en door vermaatschappelijking van de zorg (SCP 2005). Er komt steeds meer nadruk te liggen op eigen verantwoordelijkheden van burgers en zorg in eigen kring. Tegelijkertijd wordt het lastiger om mantelzorg te verlenen omdat ook gevraagd wordt tot op hogere leeftijd door te werken en door verkleining van sociale netwerken. Hierdoor neemt de spanning tussen vraag en aanbod van mantelzorgers toe.
Overbelasting
De intensieve zorg voor een naaste kan belastend zijn, zeker wanneer mantelzorg gecombineerd wordt met een betaalde baan. Dit geldt voor tweederde van de mantelzorgers tussen 18 – 65 jaar. 35% van de mantelzorgers die zorgen voor ouderen is zelf 55 jaar of ouder, waarvan 11% 65-plusser en 5% 75-plusser. Oudere mantelzorgers lopen grotere risico’s om overbelast te raken omdat zij zelf meer gezondheidsproblemen hebben of meer plicht- of schuldgevoelens ervaren. Mantelzorg kan allerlei vragen, gevoelens en praktische problemen oproepen. Ook verschillen in opvattingen over de zorgplicht kunnen spanningen geven tussen generaties. Dit speelt in sterke mate in allochtone kringen.
De zorg voor een zorgbehoevende neemt meestal geleidelijk aan toe en daarmee ook de kans op overbelasting. Bij toenemende belasting kan het gevoel van een morele verplichting ontstaan. In de volgende fase krijgt men moeite met het combineren van taken, worden de verplichtingen teveel en ontstaat een gevoel van stress en kunnen werkelijke gezondheidsklachten ontstaan. Naar schatting zijn 200.000 mantelzorgers zwaar tot overbelast. Zij lopen een verhoogd risico om ziek te worden en uit te vallen. Ze kunnen lichamelijk, psychische en gedragsmatige klachten ontwikkelen, zoals hoofdpijn, vermoeidheid, concentratiestoornissen, slaapproblemen, depressiviteit, paniekgedrag, rusteloosheid of verwaarlozing van zichzelf (Buijssen 2005). Mantelzorgers die een huisgenoot, terminale patiënt of iemand met een psychiatrische aandoening verzorgen, lange tijd intensief hulp verlenen, zorg gaven aan een onlangs overleden naaste, zelf ouder zijn en gezondheidsproblemen hebben en erg jonge mantelzorgers (worden belemmerd in hun ontwikkeling) vormen een risicogroep voor overbelasting. Mantelzorgers kunnen de zorg beter aan als zij ondersteuning krijgen en taken kunnen delen, waardoor zij de zorg beter kunnen combineren met andere activiteiten zoals werk, gezin, studie en sociale contacten. Ze houden de zorg dan beter en langer vol. Maar mantelzorgers – vooral vrouwen – zijn geneigd om het inschakelen van hulp uit te stellen, waardoor zij overbelast raken. Ze noemen zichzelf geen mantelzorger, denken dat overbelasting alleen bij anderen voorkomt of zien het inschakelen van hulp als een teken van zwakte. 36% roept geen hulp in omdat de zorgvrager geen anderen duldt of geen vreemden over de vloer wil.
Oplossingen en de rol van technologie
Het gevaar van overbelasting vraagt om stimulans om in verschillende netwerken de mantelzorg meer te delen (vele handen maken licht werk). Het matchen van vraag en aanbod, van hand- en spandiensten voor elkaar op buurtniveau of door vrijwilligers, vraagt om nieuwe concepten. Technologie kan dit ondersteunen, maar van belang is dat er daarnaast ook voldoende en passende professionele zorg is en met name respijtzorg. Met name zwaar- en overbelaste mantelzorgers maken gebruik van bestaande ondersteuningsvormen. 38% gebruikt mogelijkheden voor informatie, advies en emotionele steun, 17% heeft een oppas, 10% geeft aan dat de zorgbehoevende de dagopvang bezoekt. 30% van niet-gebruikers heeft wel behoefte aan ondersteuning.
Kosten en vergoedingen voor mantelzorg
Veel mantelzorgers geven zorg zonder daarvoor een vergoeding te krijgen. Het verlenen van mantelzorg kan kosten met zich meebrengen. 72% van de mantelzorgers heeft aan mantelzorg gerelateerde uitgaven als extra telefoonkosten en reiskosten of extra kinderopvang. Gemiddeld genomen zijn de extra kosten voor een mantelzorger € 617 per jaar. 13% van de mantelzorgers ontvangt een vergoeding (10% van de persoon aan wie ze zorg geven (PGB), 1% via inkomstenbelasting, 1% via bijzondere bijstand). Zeggen mantelzorgers hun baan gedeeltelijk op om mantelzorg te kunnen verlenen, dan biedt het Persoonsgebonden Budget (PGB) mogelijkheden. Voor het vervallen van de pensioenopbouw bestaat geen conpensatie.
Informatie voor mantelzorgers
Voor mantelzorgers is veel informatie beschikbaar om hen te ondersteunen bij hun zorgtaken, maar het kost soms vaak moeite en tijd om de informatie te vinden omdat deze nogal versnipperd wordt aangeboden. En veel tijd hebben mantelzorgers nu juist niet. De mantelzorgwijzer is een instrument waarmee u de weg kunt vinden naar informatie beschikbaar in boeken, brochures en op internet over onderwerpen waarmee u als mantelzorger te maken kunt krijgen.
Bron: Facts en Trends Mantelzorg in Nederland. Het Expertisecentrum Informele Zorg (EIZ) 2006 NIZW
Terug naar Mantelzorg