Rubriek:Kwetsbaarheid

Uit Bouwen aan leefbaarheid

Inhoud

Wat is kwetsbaarheid

Volgens van Dale is iemand die kwetsbaar is, iemand die gekwetst kan worden. Omdat in principe iedereen gekwetst kan worden zijn we dus allemaal kwetsbaar. Maar de mate waarin iemand kwetsbaar is verschilt per individu en per situatie. Net als bij leefbaarheid is ook kwetsbaarheid het resultaat van de wisselwerking tussen individu en omgeving. Iemand kan op bepaalde momenten in zijn leven meer kwetsbaar zijn dan op andere momenten. We zien kwetsbaarheid daarom als een dynamisch fenomeen. Een verhoogde kwetsbaarheid wil overigens niet zeggen dat de persoon problemen ervaart maar wel dat de kans op problemen groter is en de leefbaarheid onder druk kan komen te staan. Wanneer op deze site sprake is van kwetsbare mensen en kwetsbare groepen hebben we mensen met een verhoogde kwetsbaarheid voor ogen.

Belasting en belastbaarheid

Een manier om kwetsbaarheid te beschrijven is met behulp van het model ‘belasting-belastbaarheid’. De belasting vormt de draaglast, de eisen vanuit de omgeving aan een persoon. Deze kunnen zowel fysiek gericht zijn als sociaal. De belastbaarheid wordt gevormd door de draagkracht, het vermogen van het individu om met de eisen en mogelijkheden uit de omgeving om te gaan. Belastbaarheid is wat de persoon ‘aankan’, zowel lichamelijk als geestelijk. De zogenaamde ‘levenskracht’ van de mens speelt hierbij een grote rol. Een mens is in balans wanneer belasting en belastbaarheid in evenwicht zijn. Wanneer bij een mens de belasting groter is dan de belastbaarheid raakt deze in disbalans en kunnen problemen optreden. Mensen met een verhoogde kwetsbaarheid hebben minder draagkracht en lopen meer risico op verstoring van hun balans tussen belasting en belastbaarheid.

Behoeften

Kwetsbaarheid heeft een relatie met de behoeften van de mens. Bij kwetsbare mensen komt het bevredigen van zijn of haar behoeften eerder in gevaar. Wat zijn de menselijke behoeften? Hiervoor wordt vaak de behoeftenpyramide van Maslov aangehaald. Maslov stelde 5 niveaus vast van menselijke behoeften welke hij vastlegde in een hiërarchisch systeem.
De zogenaamde basisbehoeften liggen op het eerste niveau en zijn:voedsel, kleding, onderdak, lichamelijk welzijn en seks. Op het tweede niveau ligt veiligheid, waarbij in hoofdzaak wordt vermeld de zorg voor gezondheid, eigen bezit, routine, stabiliteit, (financiële) beloning, veiligheid en zekerheid. Liefde, affectie en sociaal gevoel liggen op het derde niveau. Hierbij speelt een grote rol de behoefte deel uit maken van een ‘groep’ met relaties, zorgzaamheid, vertrouwen, feedback, vriendschap, discussie, geïnformeerd zijn en anderen helpen. Op het vierde niveau ligt respect en ego. Het vijfde en hoogste niveau vormt zelf actualisatie; persoonlijke groei en ontwikkeling. Volgens Maslov moeten de basisbehoeften vervuld zijn om tot een volgend niveau te kunnen komen. Maslov

Ook in de universele verklaring van de rechten van de mens wordt aandacht besteed aan de behoeften van de mens. In Artikel 25 staat: ‘Een ieder heeft recht op een levensstandaard, die hoog genoeg is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin, waaronder inbegrepen voeding, kleding, huisvesting en geneeskundige verzorging en de noodzakelijke sociale diensten, alsmede het recht op voorziening in geval van werkloosheid, ziekte, invaliditeit, overlijden van de echtgenoot, ouderdom of een ander gemis aan bestaansmiddelen, ontstaan ten gevolge van omstandigheden onafhankelijk van zijn wil’.

Hulpbronnen

Ieder mens streeft ernaar zijn (basis)behoeften te vervullen. Voor het vervullen van de behoeften is de mens afhankelijk van zowel de eigen mogelijkheden als van externe factoren. Bij de eigen mogelijkheden gaat het om de lichamelijke en geestelijke conditie en de levenskracht. Bij externe factoren om hulpbronnen in de omgeving waar iemand zich in bevindt. Voorbeelden van hulpbronnen zijn huisvesting, openbaar vervoer, zorg, werk, en inkomen. Wanneer iemand verhoogd kwetsbaar en/of in disbalans is is het vaak moeilijker toegang te hebben tot de noodzakelijke hulpbronnen die de kwetsbaarheid kunnen verkleinen en/of de disbalans opheffen. Voor deze groep mensen is het extra van belang dat hulpbronnen van onvoldoende kwaliteit of aanwezig zijn en benut kunnen worden. Hulpbronnen kunnen zowel ingrijpen op de belastbaarheid (vergroten) als op de belasting (verkleinen) en daarmee de leefbaarheid beïnvloeden.


Maatschappelijke ontwikkelingen

De afgelopen jaren heeft de Nederlandse samenleving grote veranderingen doorgemaakt. Deze veranderingen zijn vooral het gevolg van op elkaar inwerkende maatschappelijke ontwikkelingen. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (2000) spreekt in dit verband van de ‘vijf I’s’: individualisering, internationalisering, informalisering, intensivering en informatisering. Deze processen spelen al langere tijd een rol en dat zal ook in de toekomst zo zijn, al is niet precies te zeggen hoe ze zich zullen openbaren. De samenleving wordt steeds meer gekenmerkt door individualisering. Mensen maken in toenemende mate keuzes die passen bij hun individuele persoonlijkheid. Er wordt steeds vaker om een product ‘op maat’ gevraagd. Ook wordt steeds meer nadruk gelegd op de eigen verantwoordelijkheid. Daarnaast wordt de samenleving steeds informeler. De gezagsverhoudingen zijn niet meer vanzelfsprekend. Er is een overgang naar een netwerksamenleving. Hierin is steeds minder plaats voor een top die als model en gids functioneert. Er is sprake van intensivering: het leven staat meer dan ooit in het teken van het verlangen het leven ten volle te kunnen beleven. Ontplooiing van de eigen wensen, gevoelens en mogelijkheden staan centraal. Vergaande informatisering (ICT, automatisering) zorgt voor een verandering van communicatie en interactie. In de economie, de bevolking, de cultuur, de politiek, overal is te zien hoe weinig nog aan nationale grenzen gebonden is. Internationalisering is ook te zien in de vorm van grote stromen van migranten.

Deze categorie bevat geen pagina’s of media.

Navigatie
Persoonlijke instellingen