Werken aan welbevinden

Uit Bouwen aan leefbaarheid

Bij welbevinden gaat het erom wat je belangrijk vindt en hoe tevreden je hiermee bent. Daarmee is welbevinden voor ieder mens verschillend. Voor de één is gezondheid belangrijk, de ander vindt contacten met anderen van belang en een derde heeft een hobby waar hij veel plezier aan beleeft. Vaak zijn er meerdere zaken die we belangrijk vinden en waardoor we plezier in het leven hebben. Wanneer mensen kwetsbaar zijn door bijvoorbeeld lichamelijke beperkingen, vergeetachtigheid of somberheid, kunnen zij minder plezier in het leven hebben. Het is voor kwetsbare mensen moeilijker het evenwicht te bewaren tussen wat zij willen, wat hun behoeften zijn en de mogelijkheden die ze hebben. Hun welbevinden wordt daarmee bedreigd.


Plezier in het leven is een belangrijk uitgangspunt voor iedereen. Wanneer dit bedreigd wordt, is het van belang hierover te praten met anderen. In de familiekring of met hulp- en zorgverleners. Het gaat er dan om je eigen krachtbronnen aan te boren. Daarnaast kan het welbevinden op verschillende manieren worden gestimuleerd. Vaak werkt een combinatie van deze manieren het beste.


Inhoud

Praten over welbevinden

Er zijn allerlei gebeurtenissen en zaken die van invloed zijn op hoe je het leven ervaart. Soms heb je maar weinig plezier in het leven. Andere momenten spat het geluk ervan af. Wanneer het minder goed gaat is het belangrijk hier over te praten. Maar hoe doe je dat? Binnen het programma Bouwen aan Leefbaarheid worden 8 gebieden beschreven die helpen bij het praten over welbevinden. Belangrijk is na te gaan welke gebieden je belangrijk vindt en hoe tevreden of ontevreden je hiermee bent. Vervolgens kan gekeken worden naar mogelijke knelpunten en oplossingen.


Beleving centraal

Welbevinden is een persoonlijk gevoel. Het is voor ieder mens verschillend. Waar de één zich goed bij voelt, voelt een ander zich verschrikkelijk. Dit betekent dat je bij het werken aan welbevinden steeds moet uitgaan van de individuele wensen en behoeften. Wat vindt deze persoon prettig of welke knelpunten spelen er. De beleving van de persoon zelf moet centraal staan.


Verlies beperken

Bij ziekte of ouderdom is vaak sprake van verlies. Je mogelijkheden nemen af door lichamelijke of mentale klachten, je verliest je autonomie en onafhankelijkheid, soms moet je weg uit de eigen, vertrouwde omgeving of verlies je geliefden, dierbaren en bekenden. Iedere keer moet je het verlies verwerken en je gevoel van welbevinden weten te behouden. Wanneer dit minder goed lukt, neemt de kwetsbaarheid toe en kunnen somberheid en angstgevoelens ontstaan. Dit is weer negatief van invloed op het gevoel van welbevinden. Het is daarom van belang lichamelijk en geestelijk in goede conditie te blijven en gevolgen van verlies te beperken. Bij het werken aan welbevinden zijn dit essentiële uitgangspunten.


Stimulerende omgeving

Bij het vervullen van je eigen, specifieke behoeften speelt de omgeving een rol. Het gaat daarbij niet alleen om de fysieke omgeving als de woning en de inrichting van de woning. Ook de sociale omgeving is van belang, zoals contact met anderen of de wijze van bejegening en dienstverlening als je hulp van anderen nodig hebt. Naarmate kwetsbaarheid toeneemt doordat je minder kunt, wordt de omgeving belangrijker. Het is nodig een leefomgeving te creëren die uitgaat van wat mensen willen en kunnen en die hun welbevinden stimuleert.